Ambassade
 Bijbelse basis
 Hulpverlening
 Voorlichting
 Loofhuttenfeest
 Service

Christenen en Joden samen achter Israëls vaandel

Door onze correspondent Ad Bloemendaal

JERUZALEM - In het kielzog van danseressen en hoornblazers maakte Ariel Sharon, "koning van Israël", vorige week zijn opwachting in het Jeruzalemse Vergadercentrum. Een kleine drieduizend supporters uit alle hoeken van de aarde schreeuwden hun kelen schor. Nadat de minutenlange ovaties waren weggestorven, probeerde de Israëlische premier de menigte gerust te stellen. "Ik krijg soms brieven van u, waarin u me verwijt dat ik te gematigd ben," zei hij. "Ja, omdat we vrede willen, zijn we bereid pijnlijke compromissen te sluiten, maar ik beloof u dat we nooit en te nimmer compromissen zullen sluiten als het gaat om de veiligheid van onze burgers of de veiligheid van de staat Israël."

Een avond per jaar voelen Israëlische leiders zich een combinatie van Napoleon en Winston Churchill. Dat is als ze als oorlogshelden en redders van de westerse beschaving worden ingehaald door in Jeruzalem verzamelde evangelische christenen. Zelfs in bijeenkomsten van hun eigen partij maken ze zo'n unaniem eerbetoon nooit mee.

De banier met een tekst uit Jesaja (Sta op en wordt verlicht) - foto: Ad Bloemendaal) Sinds haar oprichting in 1980 laat de Internationale Christelijke Ambassade Jeruzalem (ICEJ) het joodse Loofhuttenfeest samenvallen met een internationale christelijke solidariteitsactie met Israël. Uit alle hoeken van de wereld stromen "bijbelgetrouwe christenen" naar Jeruzalem, voor een week van manifestaties, lezingen en gebedsbijeenkomsten. Het programmaboek van dit jaar vermeldde voordrachten over onder meer "de anti-Israëlische vooringenomenheid van een groot deel van de wereldpers", "de realiteit van de islam en de gevaren die ervan uitgaan voor de joodse en de christelijke wereld", en "de mythe van bezet gebied".

De aanhang van de ICEJ heeft zich dan ook altijd beter thuis gevoeld bij de Likud en extreem rechts, dan bij de andere stromingen in de Israëlische politiek. Premiers als Jitschak Rabin en Ehud Barak zijn op "Het Feest", zoals de jaarlijkse manifestatie in de wandeling wordt aangeduid, eerder beleefd dan geestdriftig ontvangen. Maar nu Sharon - "koning van Israël" - het roer in handen heeft genomen gaat het er weer ouderwets aan toe. Volgens veteranen is het in de zaal niet meer zo'n heksenketel geweest sinds het begin van de jaren tachtig, toen de bijbelgetrouwe christenen Menachem Begin een onvergetelijke ontvangst bereidden.

"Ik zag tranen in zijn ogen. Hij was echt aangedaan door het meer dan warme welkom," zegt een dag later ICEJ-directeur Malcolm Hedding, die Sharon op diens weg naar het podium vergezelde. De Zuidafrikaanse predikant weet zeker dat de enorme waardering voor zijn eregast niet alleen voortkomt uit diens functie als vertegenwoordiger van de staat Israël. "Sharon heeft het Israëlische volk een gevoel van veiligheid en stabiliteit gegeven," zegt hij. "Als krijgsman in dienst van zijn volk toont hij de vastberadenheid die het land zo nodig had." Hedding wijst erop dat volgens de Schrift in tijd van nood een krachtige en sterke man opstaat om het joodse volk naar een betere toekomst leiden. "We zijn ervan overtuigd dat Sharon die man is, nu het land het hoofd moet bieden aan een terroristische slachtpartij."

Volgens Hedding zijn de Palestijnen er altijd op uit geweest de Joodse staat te ontmantelen, ook na de ondertekening van de Oslo-akkoorden. "Nadat hun een ongekend vredesvoorstel is gedaan zijn zij een oorlog begonnen tegen dit kleine land. Ze schenden daarmee de overeenkomst die ze zelf hebben getekend. Op grond daarvan stelt de ICEJ zich een simpele vraag: hebben mensen die er op uit zijn de Joodse staat te ontmantelen, er nog wel recht op een staat voor zichzelf te eisen?"

In deze kommervolle tijden ontvangt Israël de deelnemers aan "Het Feest" met wijd open armen. Zelfs in de buitenlandse joodse gemeenschappen geniet het land niet zo'n onvoorwaardelijke en permanente steun. En de Israelische regering weet dat vooral in de Verenigde Staten de invloed van de conservatieve christenen niet mag worden onderschat. Zo'n vijftig miljoen Amerikanen rekenen zich tot dat volksdeel en president George Bush is een van hen. De Amerikaanse joden stemmen traditiegetrouw op de Democratische Partij, die vorig jaar het Witte Huis heeft moeten opgeven. Bijbelgetrouwe christenen hebben vanouds een stevige vinger in de pap bij de Republikeinen. Geen wonder dus dat de joodse pro-Israël lobby uitnodigende gebaren maakt in de richting van de christelijke.

De Amerikaanse rabbijn Yechiel Eckstein werkt al vijfentwintig jaar met evangelische christenen, maar wat hij het afgelopen half jaar heeft meegemaakt noemt hij uniek. "Ik heb meer veranderingen ten goede gezien in de joodse houding tegenover christelijke solidariteit met het joodse volk en Israël, dan in de afgelopen kwart eeuw," zegt hij. "Het is een combinatie van Gods zegening en Gods bedoeling. In de hele wereld gaan christenen letterlijk voor Israël de straat op. En daarbij worden ze door joodse organisaties steeds meer aanvaard als partners." "Het Feest" bracht vorige week de grootste solidariteitsmissie naar Israël sinds het begin van het jaar, en dat in een tijd waarin zelfs joodse organisaties in het buitenland het grotendeels laten afweten. Het verminderde even de leegstand in Jeruzalems hotels en het verklaarde de ongekende toejuichingen langs de route van de jaarlijkse Jeruzalem Mars voor de buitenlandse christenen onder de twaalfduizend deelnemers. Toch leeft er in Israël nog altijd een zekere argwaan. Zijn christenen, en zeker bijbelgetrouwe christenen, niet altijd uit op bekering van de joden?

Vertegenwoordigers van de ICEJ bestrijden om het hardst dat bekering de bedoeling, of zelfs maar een bijbedoeling, is. Maar voor de deelnemers aan "Het Feest" blijft het een punt van innerlijke strijd. De in een opvallend turkooizen creatie gestoken Mary Jane Zimbardi uit de Amerikaanse staat New Jersey onthult desgevraagd dat de Heer haar heeft gelast dit jaar opnieuw naar Jeruzalem te gaan, juist wegens de gespannen toestand. "Vorig jaar heb ik ook meegelopen in de mars en ik heb toen vele wonderen mogen aanschouwen. Ik heb met mijn eigen ogen gezien hoe mensen langs de route Christus als de Messias aanvaardden," zegt ze. We moeten niet denken dat ze daarmee wil pleiten voor zending in Israel, maar God werkt op zijn eigen manier: "De joden dragen nu nog een sluier voor hun ogen, maar de dag zal komen dat Hij die sluier weghaalt, zodat ze Jezus kunnen binnenlaten in hun hart. Dan zal er in Israël echt vrede heersen."Een deel van de Nederlandse groep bij de Jeruzalem Mars - foto: Ad Bloemendaal

De Nederlandse delegatie telt zo'n zestig deelnemers. Ongeveer de helft daarvan, de ICEJ-groep, reist onder leiding van Tony Jurg (37) uit Utrecht. Zijn vrouw Anke Marth en zijn twee jonge kinderen, zijn ook van de partij. Iedereen draagt T-shirts met tulpen in een Davidsster als decoratie. Jurg wijst er met trots op dat zijn groep, die qua kerkelijke gezindte uiteenloopt van Hervormd tot Pinkstergemeente, tien leden meer telt dan vorig jaar. "Juist in het voorjaar, toen Israël werd getroffen door een reeks terreuraanslagen, steeg het aantal aanmeldingen," vertelt hij. "De mensen begrijpen dat het tonen van solidariteit en vertroosting nu meer dan ooit nodig is."

De argwaan in Israël over christelijke solidariteit begrijpt Jurg wel. "Voor de joden Christus aanvaarden zal er in de kerken heel wat moeten gebeuren, want we hebben nogal wat boter op ons hoofd," erkent hij. "We moeten af van onze hoogmoed en we moeten de idee opgeven dat de kerk in de plaats is getreden van het jodendom. Het gaat er om niet te beleren, maar te vertroosten."

Van de verkettering van de Palestijnen, die in de toespraken van sommige ICEJ-leiders doorklinkt, moet Jurg niets hebben. "We moeten werken aan een verzoening van Joden en Arabieren," meent hij. "We zijn hier om te zegenen, niet om ons tegen de Palestijnen uit te spreken." Wat Nederland betreft verwacht hij dat het kabinet-Balkenende als het gaat om het Israelisch-Palestijnse conflict "een objectievere en meer evenwichtige" politiek zal voeren dan de vorige regering. Maar de doorgaans kritiekloze houding van de ICEJ lijkt aan de nuchtere Nederlander niet besteed. "Als Israël fouten maakt, moet je dat kunnen zeggen," vindt hij.

Met toestemming van Ad Bloemendaal overgenomen. Ad Bloemendaal is correspondent voor de GPD en Het Parool.



Bovenstaand artikel heeft betrekking op het loofhuttenfeest van 2002
Informatie over jaren: 2000 | 2001 | 2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008
Facebook YouTube Twitter Share

Help de ICEJ helpen

Loofhuttenfeest 2012

Loofhuttenfeest 2012

ICEJ jongeren

Blijf op de hoogte


Ambassade | Zionisme | Sociale Hulpverlening | Aliyah | Voorlichting | Nieuwsbrief
Loofhuttenfeest | Het Verbond | Jongeren | Zoeken | Linken | ANBI nr. 0067 65 117

© 1980-2012 Copyright ICEJ-NL, Postbus 40180, 8004 DD Zwolle