Verklaring van Jeruzalem inzake geloofsbelijdenis Nicea
Publicatiedatum - 07/07/2026Het derde onderdeel van de Jerusalem Summit was een terugblik op de kerkgeschiedenis en met name op het Concilie van Nicea uit 325 n.Chr., dat de Geloofsbelijdenis van Nicea vaststelde om de groeiende christelijke wereld te verenigen rond de goddelijkheid van Jezus, maar daarmee ook de kerk van haar joodse wortels afleidde.
Het Concilie van Nicea werd 1700 jaar geleden bijeengeroepen, grotendeels om het geschil binnen de vroege Kerk over de goddelijkheid van Jezus op te lossen. Als reactie hierop stelden zij de Geloofsbelijdenis van Nicea op, waarin het concept van de Drie-eenheid werd aangenomen als tegenwicht voor de leer van Arius.
Keizer Constantijn riep het concilie ook bijeen om de feestdagen te harmoniseren, en met name om een datum vast te stellen waarop alle christenen Pasen zouden vieren. Ik ben ervan overtuigd dat er in Constantijns beweegredenen een flinke dosis antisemitisme schuilging. Deze houding was wellicht niet bij alle daar verzamelde kerkvaders even sterk aanwezig. We weten het eigenlijk niet, want er zijn geen notulen van het Concilie van Nicea, en ze kwamen drie lange maanden bijeen.
Maar toen Constantijn later aan de kerken een nieuwe datum voor Pasen bekendmaakte, verklaarde hij in zijn synodale brief het volgende: „Toen de vraag over het heilige Pasenfeest aan de orde kwam, was men het er algemeen over eens dat het wenselijk zou zijn dat iedereen het feest op één dag zou vieren. Want wat zou er mooier en wenselijker kunnen zijn dan te zien dat dit feest, waardoor wij de hoop op onsterfelijkheid ontvangen, door iedereen eensgezind en op dezelfde wijze wordt gevierd? Men verklaarde dat het bijzonder onwaardig was dat dit, het heiligste van alle feesten, de gebruiken en de berekeningen van de Joden zou volgen, die hun handen hadden bevuild met de meest afschuwelijke misdaden en wier geest verblind is.”
Dit was het tweede oecumenische concilie in de kerkgeschiedenis. Het eerste concilie vond hier in Jeruzalem plaats, zoals beschreven in Handelingen hoofdstuk 15. Tijdens dat concilie werden de deuren wijd opengezet voor heidenen om zich bij de kerk aan te sluiten. De grote vraag was: wat moeten we doen met al deze gelovigen in Yeshua die geen Joden zijn? Moesten zij zich laten besnijden of koosjer eten? Het concilie kwam overeen dat het enige wat zij hoefden te doen, was in Yeshua geloven, cultureel respect tonen voor Joden en zich houden aan enkele door het concilie vastgestelde Noachidische voorschriften. Maar zij zetten de deuren wijd open voor ons als heidenen.
Wat er in Nicea gebeurde, en kort daarna ook op andere concilies, was dat ze het voor joden vrijwel onmogelijk maakten om zich bij de Kerk aan te sluiten. Ze mochten hun joodse feestdagen niet meer vieren, niet meer naar de synagoge gaan, noch matze gebruiken om Pasen te vieren. En je mocht het ook geen Pesach noemen. Er was dus sprake van een volledige afwijzing van alles wat joods was, en dit begon in Nicea. Dit kwam niet zozeer door wat er in Nicea werd gezegd, maar door wat er opzettelijk werd weggelaten, om de kerk los te koppelen van elke joodse context.
Daarna volgden er verschillende concilies die de bewoordingen van de Geloofsbelijdenis van Nicea enigszins aanpasten. Er is dus een precedent voor het feit dat de Geloofsbelijdenis kleine wijzigingen ondergaat, terwijl de kernprincipes ervan intact blijven.

Het geloofsbelijdenis dat we hier vandaag willen publiceren, is weliswaar niet door een wereldwijd leergezag bekrachtigd, maar we hebben het wel voorgelegd aan het leergezag van de ICEJ, aan belangrijke leiders en gerespecteerde theologen binnen onze beweging, en aan onze raad van toezicht.
In deze „Jeruzalemse Bevestiging van het Geloof van Nicea” hebben we de oorspronkelijke Geloofsbelijdenis van Nicea ongewijzigd gelaten, omdat deze terecht de goddelijkheid van Yeshua bevestigt. Maar we vonden dat we hier in Jeruzalem de menselijkheid van Jezus als Jood moeten bevestigen, wat essentieel was voor het vestigen van zijn geloofwaardigheid als de beloofde Messias. Deze verklaring heeft ook tot doel onze waardering te herstellen voor de unieke, centrale rol van Israël, de aartsvaders en de Hebreeuwse Geschriften bij het ontstaan en de ontwikkeling van het christelijk geloof vanaf het allereerste begin. Elke nieuwe zin die aan deze verklaring is toegevoegd, is stevig gegrondvest op teksten en waarheden uit het Nieuwe Testament.
Uiteindelijk heeft deze verklaring tot doel de historische verbondenheid van de kerk met het Joodse volk opnieuw te bevestigen, waarbij antisemitisme in al zijn vormen wordt verworpen en een op de Bijbel gebaseerd begrip van de relatie tussen de kerk, Israël en het Joodse volk wordt bevorderd.
Wij nodigen u uit om u bij ons aan te sluiten door uw instemming te betuigen met de Verklaring van Jeruzalem inzake het geloof van Nicea. Dit is vandaag de dag bijzonder noodzakelijk om binnen de bredere Kerk weer een meer bijbelse visie te herstellen op de rechtmatige plaats die Israël en het Joodse volk innamen en nog steeds innemen in Gods verlossingsplannen.
Teken en deel alstublieft de ‘Jeruzalem-verklaring van het geloof van Nicea’ op: https://jerusalemsummit.icej.org/affirmation-sign